Schildwachtklier (sentinel node) procedure

Inleiding

Deze pagina geeft u informatie over de procedure bij het verwijderen van een schildwachtklier. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn dan beschreven.

Achtergrond van deze behandeling

Bij de chirurgische behandelingen van sommige vormen van kanker (borstkanker, het melanoom als huidkanker) kan het van belang zijn om te weten of er uitzaaiingen zijn in de lymfeklieren in de oksel of de lies nabij de tumor. Wanneer er lymfeklieren te voelen zijn wordt er een zogenaamd lymfekliertoilet uitgevoerd, waarbij alle lymfeklieren in die oksel of lies worden weggehaald. Maar wanneer er een lymfekliertoilet wordt uitgevoerd terwijl er geen klieren zijn te voelen, dan komt het regelmatig voor dat na onderzoek van die lymfklieren er geen uitzaaiingen in de lymfeklieren blijken te zijn. Achteraf blijkt het weghalen van de lymfeklieren dan dus een overbodige ingreep te zijn geweest. Dat is jammer, want het verwijderen van de lymfeklieren kan aanleiding geven tot klachten, zoals:
• een verhoogde gevoeligheid voor infecties aan de arm of het been aan de geopereerde zijde,
• het ontstaan van een dikke arm of been aan de geopereerde zijde als gevolg van lymfoedeem (zie de folder lymfoedeem van de arm / van het been)
Daarom is gezocht naar een methode om het onnodig verwijderen van de lymfeklieren te voorkomen en toch dezelfde informatie te krijgen over de aan- of afwezigheid van uitzaaiingen hierin.

Operatie techniek

Deze operatie techniek maakt het mogelijk de lymfeklier op te sporen, die via een lymfevat rechtstreeks in verbinding staat met het kankergezwel. Deze belangrijkste lymfeklier wordt de schildwachtklier, de poortwachterklier of in het Engels de ‘sentinel node’ genoemd. Zo’n klier wordt als eerste aangetast wanneer het gezwel zich gaat uitzaaien via de lymfebanen. Pas daarna worden de overige lymfeklieren aangetast.
In onderzoek wordt nog steeds de waarde van deze relatief nieuwe behandeling onderzocht. Het lukt meestal om de schildwachtklier te vinden. Als bij microscopisch onderzoek geen tumorcellen in de verwijderde klier worden gevonden, worden ook in de andere lymfeklieren meestal geen uitzaaiingen gevonden.
Bij een kleine groep patiënten – op grond van onderzoek neemt men aan bij minder dan 5% – wordt er toch een uitzaaiing gemist. Dat wil zeggen dat de schildwachtklier dan ‘schoon’ is, maar dat in andere klieren in de oksel of de lies dan toch tumorcellen voorkomen. Wanneer deze na verloop van tijd tot ontwikkeling komen, kan alsnog een lymfekliertoilet worden verricht, eventueel gevolgd door een aanvullende behandeling (medicijnen en/of bestraling).
Voor de behandeling van de kwaadaardige tumor zélf heeft de schildwachtklier procedure geen gevolgen. Het voordeel van deze beperkte operatie (alleen verwijderen van de schildwachtklier) is dat de eerder genoemde nadelen van het lymfekliertoilet nog maar bij een klein deel van de patiënten zullen optreden.

De procedure

Om de schildwachtklier te kunnen opsporen wordt een kleine hoeveelheid van een radioactieve stof met een injectie om het gezwel of de plaats waar het gezwel heeft gezeten, ingespoten. Dit gebeurt op de ochtend van de operatie of de middag ervoor. Deze vloeistof stroomt van het gezwel door het lymfevat naar de schildwachtklier. Na verloop van enige tijd kan men, door foto’s te maken (dit duurt ongeveer twee keer15 minuten), zien in welk gebied de schildwachtklier moet worden gezocht. Met een stift wordt deze plaats op de huid aangetekend. Dat er een klier zichtbaar wordt betekent niet dat er ook een uitzaaiing in de klier zal zitten, het is immers de schildwachtklier die nog onderzocht moet worden.
Bij de operatie wordt, nadat u in slaap bent gemaakt, een kleine hoeveelheid blauwe inkt om het gezwel – of op de plaats waar het gezwel heeft gezeten – ingespoten. Ook deze kleurstof stroomt via de lymfebanen naar de schildwachtklier. Deze kleurt nu blauw en is bovendien nog steeds radioactief.
Bij de operatie kan de chirurg nu de schildwachtklier goed herkennen aan de blauwe kleur en aan de resterende radioactiviteit. De schildwachtklier wordt verwijderd; deze procedure neemt ongeveer een half uur tijd in beslag.
Vervolgens kan indien nodig de geplande operatie voor het gezwel worden verricht, zoals dat tevoren met u is besproken. Het aangemerkte kliermateriaal wordt naar de afdeling Pathologie gestuurd voor microscopisch onderzoek, om vast te kunnen stellen of er uitzaaiingen zijn.
Als deze niet worden gevonden, worden de overige lymfeklieren niet verwijderd. Wanneer er wel uitzaaiingen in de schildwachtklier worden gevonden dan zullen ook de overige lymfeklieren uit de oksel of lies worden verwijderd.
Afhankelijk van de procedure van het microscopisch onderzoek in uw ziekenhuis zal dat lymfekliertoilet tijdens dezelfde of een volgende aparte operatie plaatsvinden. Bij een zogenaamde negatieve schildwachtklier (geen tumorcellen gevonden) blijft er een kleine kans dat er bij nader microscopisch onderzoek in de schilwachtklier toch tumorcellen zitten. Uw vooruitzichten lijken hierbij niet ongunstiger te zijn dan wanneer de lymfeklieren direct waren verwijderd.
Als het tijdens de operatie niet lukt om de schildwachtklier op te sporen, dan hangt het van de aard van het gezwel af wat de verdere procedure zal zijn. Bij borstkanker bijvoorbeeld zal er een standaard operatieve behandeling volgen, waarbij de lymfeklieren uit de oksel worden verwijderd, het zogenaamde okselkliertoilet. Bij het melanoom hangt het van de omstandigheden en de behandelingsafspraken in het ziekenhuis af wat de te volgen procedure dan zal zijn.

Bijwerkingen

Van de radioactiviteit zijn geen bijwerkingen te verwachten. De hoeveelheid radioactiviteit die wordt toegediend geeft minder dan 25% van de natuurlijke stralenbelasting waaraan u in Nederland per jaar bloot staat. De blauwe kleurstof die tijdens de operatie wordt ingespoten kan er voor zorgen dat uw urine gedurende de eerste dagen na de operatie groen van kleur is. Ook kan het gebied waar de blauwe inkt is ingespoten enkele weken tot maanden blauw verkleurd blijven.

Wat gebeurt er als u niets voelt voor deze operatie techniek?

Als u niets voelt voor deze lymfeklier sparende behandeling, dan zal een operatieve behandeling worden uitgevoerd zoals hierboven beschreven bij het niet kunnen opsporen van de schildwachtklier.

Na de operatie

Soms wordt er na de schildwachtklierprocedure een drain in het wondgebied achtergelaten. Deze wordt zeker achtergelaten als er een lymfekliertoilet is verricht. Deze drain zal na enkele dagen worden verwijderd. Dit kan eventueel poliklinisch.
De definitieve uitslag van het microscopisch onderzoek duurt ongeveer 5 werkdagen. Wanneer alsnog uitzaaiingen in de schildwachtklier worden gevonden, zal opnieuw een operatie nodig zijn waarbij de resterende lymfeklieren in de oksel of de lies worden verwijderd.

Vragen

Heeft u nog vragen, stel ze gerust aan uw behandelend arts of huisarts.
Bij dringende vragen of problemen vóór uw behandeling kunt u zich het beste wenden tot de afdeling, waar de behandeling plaats moet vinden. Wanneer zich thuis na de operatie problemen voordoen, neem dan contact op met de huisarts of het ziekenhuis.